Bolderik

Deze kapel werd in 1870 door onderpastoor De Roo opgericht.

Een oudere bidplaats stond vroeger aan de overzijde van de straat, rechtover de huidige kapel, tussen een rij huisjes die tijdens de oorlog 1914-1918 werden neergehaald. Het was een klein amorf gebouwtje en werd daarom door een nieuw vervangen.

De plaats waar deze kapel werd opgericht noemde men vroeger "het Botermelkhuis". Men noemt het dan ook het kapelletje van het Botermelkhuis. Wanneer het kapelletje werd opgericht is onmogelijk te achterhalen.

Het is het enige heiligdom van de Wegom dat overeind gebleven is tijdens de Franse revolutie. De toenmalige eigenaar had het beeldje en de versiersingen verwijderd en het kapelletje in assekot omgeschapen.

In 1820 is het kapelletje tot puin vervallen. De toenmalige had zich het lot van dit onooglijk kapelletje niet meer aangetrokken , en de giften tot onderhoud van het heiligdom was door de Franse bezetters in beslag genomen.

Enige tijd nadien heeft men op hetzelfde stuk grond een ander zogezegd kapelletje opgericht, nauwelijks een vierkante meter groot, en zo sierloos dat het in 1870 werd afgebroken en door de giften van de milde gelovigen opnieuw werd opgebouwd.

De huidige kapel is gebouwd in gotische stijl op een grondplan van 3.5 x 4.5m.

Vooraan rust een portiek op twee pilaren. In de puntgevel is een nisje met het beeld van de H. Maagd Maria. In de zijmuren zijn twee kleine venstertjes. Het dak is naar een gebruik in die tijd bedekt met eternitpannen, waarboven op de nok een kruis prijkt. Het kleine koor vormt een trapezium en op het altaar staat een nieuw Amelbergabeeld.