Bank

Deze kapel is aldus bekend omdat zij in de wijk "De Bank " werd opgericht. Eens grondgebied van de gemeente Temse, daarna van de gemeente Haasdonk, werd zij in 1977 door fusie overgeheveld naar Sint-Niklaas. Zij is eigendom van de stad. Het plein waar het heiligdom is opgericht vormt een driehoek, waar drie straten elkaar snijden namelijk, "de Krekel", baan lopende naar Temse, "de Bankstraat", lopende naar Haasdonk, thans Beveren, en het "Hoogeinde", lopende naar Sint-Niklaas om te eindigen in de "Tassijnslaan" .

Pastoor Maximiliaan Hauweel schreef in het *Liber Memorialis* van de kerk van Haasdonk in 1684: " Deze kapel werd dit jaar gesticht op de wijk de Bank. Enige stenen die van de herstelling der kerk overgebleven waren zijn er aan verbruikt. Zekere inwoner Van Sint-Niklaas had buiten ons weten een boomkapelleke gehangen aan de eik die op het pleintje der driestraat stond. dit leidde tot de opbouwen der bidplaats. in gemeld jaar werd ik ziek en zelfs zeer fel. Binnen de slapeloze nachten die mij veel pijn deden verduren, beloofde ik op de gemelde plaats een kapel ter ere van O.L.vrouw ter Nood te doen bouwen, indien de genezing mocht invallen. Het duurde niet lang of ik was hersteld. Ik heb toen de kapel doen Bouwen die 30 pond Vlaams kost."

Deze kapel werd tijdens het Franse bewind totaal gesloopt omdat zij onder de toepassing van de republikeinse wet viel die bevolen had dat alle godsdienstige te landen die geen 8 voeten vierkant van grondvlak waren, dienden afgebroken te worden.

Het was de commissaris van de Franse Republiek, Jan Benedict De Kever , geboren te Beveren in 1764, een fanatieke dweper, die zich zelf ermee gelastte samen met enkele soldaten om deze wandaad te bedrijven.

Er is nog steeds een plaats langs de Tassijnslaan gelegen genaamd, het "Keverskerkhof". Het was immers in de bossen langs die baan op de rechterkant in de richting Sint-Niklaas, dat De Kever verschillende slachtoffers, zogenaamde vijanden van de Franse Republiek liet ombrengen. Het was ook op deze plaats dat hij jan Baptist Tassyns, vrederechter van het kanton Haasdonk, een edel mens, door de kop liet schieten. Tassyns vroeg om nog een laatste maal zijn vrouw en kinderen te mogen zien, waarop De Kever de wrede woorden sprak "Gij hebt geen gezelschap meer van noode, schelm: Gij gaet op eene reys, daer van gij niet meer weer zult keeren" De Kever heeft zichzelf gestraft voor zijn wandaden door zich te verhangen.

Op de plaats van de afgebroken kapel kwamen de wijkbewoners regelmatig bidden. Wanneer de godsdienstvrijheid terug werd ingevoerd, plantten zij een staak op de puinen van de vernielde kapel en hingen er een tabernakelkapelletje aan ter ere van O.L.Vrouw. Weinig jaren nadien werd er door een algemene omhaling en met steun van de kerkelijke overheid een nieuwe kapel opgericht.

Het was een klein, in baksteen opgericht gebouw uit de XXe eeuw met tijdskenmerken van neoclassicisme en neogotisme, met aanwenden van fronton met twee driehoeken en aanwenden van spitsbogen zowel voor raam in fronton als boven de deur en vensterramen. De voorkant was naar het oosten gekeerd en in de zijde waren de deur en twee vensters aangebracht. Het fronton en de gotische bogen boven de deur en vensters waren voorzien van omlijsting in wit geschilderd pleisterwerk. De plint was in bezetwerk in bewerking die aansluit bij het ciseleren van blauwe hardsteen, hetgeen in die periode bij eenvoudige bouwwerken gebruikelijk was.

Het dak was vermoedelijk afgewerkt met Boomse pannen zoals het erachterstaande gebouw. Ook dit gebouw viel onder de hamer .

Tijdens de oorlog 1914-1918 werd het door de Duitsers om krijgskundige redenen gesloopt. Het lag te dicht bij het Fort van Haasdonk, een schakel in de verdedigingsgordel rond Antwerpen.

Na de oorlog werd een nieuwe kapel opgericht, die ingehuldigd werd op 19 mei 1922.

Deze kapel werd niet meer aan O.L.Vrouw maar wel aan Sint-Amelberga toegewijd.

De reden hiervoor was het feit dat de kapel van de Bank van in de oudste tijd deel had uitgemaakt van de vermaarde omgang van Sint-Amelberga te Temse. Deze maatregel werd getroffen bij een gemeen overleg tussen de heren deken van Temse en de pastoor van Haasdonk. Evenwel behield men in de nis het beeld van O.L.Vrouw als aandenken aan de vroegere bidplaatsen.

De huidige kapel is in simpele gotische stijl opgetrokken. De doorschijnende deur en de twee vensters aan beide zijden van het gebouw werpen een passende belichting op het Amelbergabeeld dat tussen kandelaars op een schoon eenvoudig altaar rust; het grondvlak van het gebouw is 3 op 3,25 m. Boven de deur in de puntgevel staat het smeekgebed " heilige Amelberga, bid voor ons "

De kapel van de Bank is op één na, de meest vermaarde van de Weg-om. Tot 2013 was het immers daar dat men halfweg, rustte. In vroegere tijd had hier een preek plaats, die dikwijls gevolgd werd door een optreden van kunstenmakers die toen de wegom vergezelden.

Het heropbouwen van deze kapel was grotendeels te danken aan het initiatief en de milde giften van Burgemeester Leonard De Wolf van Haasdonk.